Een kamp waar je gewoon mag zijn

Bij Goudvink organiseren we kampjes voor kinderen die graag ontdekken, creëren, bewegen en hun eigen ideeën volgen. Maar bovenal willen we een plek bieden waar kinderen zich welkom, veilig en vrij voelen.
Een plek waar je niet eerst hoeft te bewijzen dat je klaar bent voor het kamp.
Je mag rustig binnenkomen.

‘s Morgens staat de serre al open. Zachte pianomuziek speelt op de achtergrond en op de grote tafel ligt een invitation to play: verse potloden, tekenpapier, puzzels, origami, boeken en andere kleine uitnodigingen om iets te ontdekken.
Kinderen mogen rustig aankomen en zelf kiezen waar ze zin in hebben. Even met mama spelen. Naar de dieren gaan. Tekenen. Buiten spelen. Een boek lezen. Rondkijken.
Ouders mogen mee binnenkomen en blijven zolang dat nodig is. We geloven dat afscheid nemen niet moeilijker wordt wanneer je daar even de tijd voor krijgt.
Onze serre is een clubhuis.
De serre is geen gewone activiteitenruimte, maar een grote leefruimte met verschillende hoekjes. Je kunt er knutselen, lezen, schaken, een spel spelen, praten, even alleen zitten of gewoon kijken wat er gebeurt.
Ook buiten is er van alles te ontdekken: dieren, planten, speelplekken, de trampoline, rustige plekjes en de rustcaravan.
Er is altijd iets te doen, maar je hoeft niet voortdurend iets te doen.
We hebben structuur, maar geen strak keurslijf.

Elke dag heeft een herkenbaar ritme. We beginnen samen in de kring, bekijken het programma, eten fruit en gaan daarna aan de slag.
Een klein belletje of onze klankschaal kondigt overgangsmomenten aan. Kinderen die al vaker kwamen, vinden het geweldig wanneer zij deze mogen laten klinken.
Tijdens de kring mag je vertellen, maar het hoeft niet. Je mag op de zetel zitten, op het tapijt, wat verder weg of zelfs rustig met een puzzel bezig zijn terwijl je luistert.
We vinden het belangrijk dat kinderen weten wat er gaat gebeuren, zonder dat iedereen het op precies dezelfde manier hoeft te beleven.
Niets moet. En toch doet bijna iedereen mee.

Bij onze activiteiten leggen we uit wat we gaan doen en daarna begint het ontdekken.
Je mag aansluiten. Je mag iets anders maken. Je mag een eigen idee hebben. Je mag experimenteren en opnieuw beginnen. Onze begeleiders doen zelf mee, helpen waar nodig en moedigen kinderen aan om hun eigen ideeën te volgen.
Opvallend genoeg doet bijna iedereen bijna altijd mee.
Misschien omdat moeten niet nodig is wanneer kinderen voelen dat hun nieuwsgierigheid serieus wordt genomen.
We vertrouwen kinderen.
Kinderen krijgen bij ons veel vrijheid, maar vrijheid betekent niet dat alles zomaar kan.
We hebben vier eenvoudige afspraken:
Goed zorgen voor jezelf.
Goed zorgen voor elkaar.
Goed zorgen voor onze spullen.
Geen mensen of dieren pijn doen, met daden of woorden.
Wanneer er ruzie ontstaat, zoeken we niet automatisch naar een schuldige. We proberen kinderen eerst zelf een oplossing te laten vinden. Soms is een klein zetje of een herinnering aan de afspraken voldoende. Soms hebben kinderen wat hulp nodig om te vertellen wat er gebeurd is en wat ze nu nodig hebben.
We straffen niet.
Dat betekent niet dat er geen grenzen zijn. Als iets bijvoorbeeld op de trampoline te wild of onveilig wordt, kan die even dichtgaan. Niet als straf, maar omdat we samen verantwoordelijk zijn voor de veiligheid van iedereen.
Er is ruimte voor alle emoties.
Een kind dat verdrietig is, hoeft niet snel weer vrolijk te worden.
Een kind dat boos is, hoeft niet meteen te stoppen met boos zijn.
Een kind dat moeilijk afscheid kan nemen, hoeft niet alleen door dat moment heen.
We kijken naar het kind dat voor ons zit. Soms helpt afleiding, soms een gesprek, soms samen in de zetel zitten, soms een glaasje water, soms iets samen klaarzetten. En soms is het beste wat we kunnen doen: even ruimte geven.
We proberen niet elk moeilijk moment onmiddellijk op te lossen.
We willen kinderen vooral laten ervaren:
je mag je voelen zoals je je voelt, en je hoeft het niet alleen te doen.
We willen kinderen niet voortdurend aanpassen aan onze omgeving.
We geloven dat kinderen veel kunnen wanneer ze zich veilig genoeg voelen om zichzelf te zijn.
Daarom proberen we een omgeving te creëren waarin bewegen, stilte, nieuwsgierigheid, fantasie, sociale contacten, alleen spelen, samenwerken en even afstand nemen allemaal een plaats hebben.
Niet ieder kind hoeft hetzelfde te doen om erbij te horen.
Niet ieder kind hoeft op dezelfde manier mee te doen.
En een eigen idee is geen probleem dat opgelost moet worden — soms is het juist het begin van iets veel leukers.
En natuurlijk doen we fantastische dingen.
We experimenteren met wetenschap. We schilderen groot en klein. We maken zeep. We pimpen schoenen. We gaan op ontdekking. We spelen, bewegen, koken, bouwen en creëren.
Maar achter al die activiteiten zit voor ons iets belangrijkers.
We willen kinderen een paar dagen lang een plek geven waar ze kunnen ervaren:
Ik mag hier zijn.
Ik mag nieuwsgierig zijn.
Ik mag iets anders bedenken.
Ik mag hulp vragen.
Ik mag fouten maken.
Ik mag even pauzeren.
Ik mag samen zijn én alleen zijn.
Ik kan iets wat ik eerst niet dacht te kunnen.
En ik hoor erbij.
Misschien is dat waarom we na een kamp soms horen:
“Hij was echt 100% zichzelf.”
“Het is het enige kampje dat ze kan verdragen én dat haar uitdaagt.”
“Ze straalde weer.”
“Hij wilde vandaag nog een dagje blijven.”
En misschien is dat uiteindelijk precies wat we hopen te creëren:
geen perfecte wereld die losstaat van de echte wereld, maar een kleine plek waar kinderen kunnen oefenen in hoe het voelt om zichzelf te zijn, rekening te houden met anderen, nieuwsgierig te blijven en samen een fijne wereld te maken.

